Gedurende de uitvoering werd in totaal circa 460.000 m³ slib verwijderd en 35 kilometer vaarweg hersteld. De werkzaamheden vonden onder andere plaats op de Mark, Dintel en het Mark-Vlietkanaal, die hiermee weer op het gewenste profiel en diepte werden gebracht.
Duurzame uitvoering
Een belangrijk kenmerk van het project was de sterke focus op duurzaamheid. Vanaf begin 2025 werd ongeveer 200.000 m³ slib emissievrij gebaggerd. Hierbij werd gebruikgemaakt van elektrisch materieel, waaronder het werkschip Volta, de ETEC 250LC graafmachine en de Liebherr LH 60 EC. Dankzij deze aanpak werd een besparing van circa 250 ton CO₂-uitstoot gerealiseerd.
Veiligheid en bijzondere vondsten
Naast duurzaamheid speelde veiligheid een essentiële rol. Voorafgaand aan de baggerwerkzaamheden werden 5.640 objecten onderzocht op de aanwezigheid van mogelijke explosieven uit het verleden. Tijdens deze onderzoeken werd een bijzondere historische vondst gedaan: een 16e-eeuws gietijzeren kanon. Na restauratie kreeg dit object een nieuwe bestemming op landgoed Bouvigne in Breda.
Martens en Van Oord bezit de volledige certificatie (deelgebied A & B) om het Onderzoek naar Ontplofbare Oorlogsresten (OOO) zelfstandig van A tot Z te begeleiden. Meer informatie hierover leest u op de OOO-expertise pagina.
Samenwerking en afronding
Het project werd succesvol afgerond en leverde een belangrijke bijdrage aan de verbetering van de regionale vaarwegen, zowel op het gebied van functionaliteit als duurzaamheid. De samenwerking tussen alle betrokken partijen vormde hierbij een belangrijke succesfactor.
Meer informatie?
Voor meer informatie over het project, kunt u ook kijken op de website van waterschap Brabantse Delta onder de kop 'Provinciale Vaarwegen'.