Inzicht in de Carbon Footprint
Inzicht krijgen in de eigen CO2-prestatie is de eerste stap in het terugdringen van CO2-emissies. Martens en Van Oord heeft haar Carbon Footprint gemeten over het jaar 2009. De Footprint is gemeten met behulp van het Greenhouse Gas Protocol, waarbij de Operational Control methodiek is gebruikt. De Operational Control methode geeft aan dat van alle bedrijfslocaties waar Martens en Van Oord de operationele controle heeft, de CO2-emissies toegerekend worden.
Om de Operational Boundaries af te bakenen is gebruik gemaakt van de scope-indeling volgens het GHG Protocol en de CO2-prestatieladder van Prorail, namelijk:
Scope 1: Directe emissies die ontstaan door de eigen organisatie, zoals emissies door eigen gas gebruik (bijv. gas boilers), koelmiddelen in airco’s en emissies door het inzetten van het eigen machine- en wagenpark.
Scope 2: Indirecte emissies die ontstaan bij de opwekking van elektriciteit die door de organisatie gebruikt wordt. Prorail rekent in tegenstelling tot het Greenhouse Gas Protocol, de emissies uit zakelijk vliegverkeer en zakelijk vervoer met privé-auto’s tot scope 2.
Scope 3 (vanaf niveua 4): Overige indirecte emissies die worden veroorzaakt door activiteiten van de eigen organisatie, waarbij de bron geen eigendom is van het bedrijf, zoals zakenreizen via openbaar vervoer, gebruik taxi, papierverbruik en afvalverwerking.Diagram: CO2 Emissie-inventarisatie van Martens en Van Oord


Voor de volledigheid verwijzen wij u naar het onderstaande document:
3.A.1 Emissie-inventaris 2009 Martens en Van Oord Holding